Overslaan en naar de inhoud gaan

Woorden, betekenissen en voorbeelden

Straattaal: ontdek wat het betekent

Wat betekent mattie? Wanneer zeg je osso? Ontdek straattaalwoorden met uitleg en een voorbeeldzin, zodat jong en oud kunnen meepraten.

Wat is straattaal?

Straattaal is een verzameling informele woorden en uitdrukkingen die onder meer door jongeren worden gebruikt. Ze verandert voortdurend en kent invloeden uit verschillende talen.

Een aantal bekende woorden komt uit het Sranantongo, de taal van Suriname. Zo zijn mattie, osso, loesoe en doekoe in Nederland gewoon geworden.

Woorden om mee te beginnen

Met betekenis en voorbeeldzin, en waar de herkomst bekend en gecontroleerd is ook die. Het woordenboek groeit stap voor stap.

mattie

Betekenis: Vriend of maat.

“Ik ga met mijn mattie naar buiten.”

Herkomst: Sranantongo (mati)

osso

Betekenis: Huis of thuis.

“Ik ben straks weer bij mijn osso.”

Herkomst: Sranantongo (oso)

loesoe

Betekenis: Weg of weggaan.

“Ik ga loesoe, zie je later.”

Herkomst: Sranantongo (lusu)

doekoe

Betekenis: Geld.

“Ik spaar mijn doekoe voor een nieuwe fiets.”

Herkomst: Sranantongo (duku)

faka

Betekenis: Hoe gaat het?

“Faka, hoe gaat het met je?”

fittie

Betekenis: Ruzie of gevecht.

“Die fittie is gelukkig bijgelegd.”

patta’s

Betekenis: Schoenen.

“Mijn nieuwe patta’s zitten lekker.”

fatoe

Betekenis: Grapje.

“Rustig, het was maar een fatoe.”

skeer

Betekenis: Blut of weinig geld hebben.

“Ik ben deze week skeer.”

swa

Betekenis: Maat, jongen of kerel.

“Ey swa, alles goed?”

tranquilo

Betekenis: Rustig, kalm.

“Tranquilo, we hebben nog tijd.”

Herkomst: Spaans

ewa

Betekenis: Hoi of hé.

“Ewa, hoe is het?”

Denk jij dat je straattaal spreekt?

Test je kennis en ontdek hoeveel straattaalwoorden jij écht begrijpt.